?

Naheffingsaanslag parkeerbelasting

betaald parkerenkopie.jpg
U ontkomt er niet meer aan: betaald parkeren. Met name in de grote steden Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht incasseert de overheid grote hoeveelheden aan parkeergeld. En dat allemaal uit de portemonnee van de burger. Maar hoe werkt betaald parkeren nu precies? Daar gaat deze blog over.

Betaald parkeren? U bedoelt belasting betalen!
De regels over betaald parkeren staan in de Gemeentewet. In artikel 225 staat dat in het kader van parkeerregulering belasting kan worden geheven. Er kan onder andere belasting worden geheven over het parkeren van een voertuig.

Het gemeentelijk college kan vaststellen op welke plaatsen parkeermeters geplaatst moeten worden en waar deze eventueel tijdelijk geplaatst of juist tijdelijk verwijderd zouden moeten worden. Het tarief van de belasting kan afhankelijk worden gesteld van verschillende factoren waaronder de parkeerduur, de parkeertijd, de ingenomen oppervlakte en de ligging van de terreinen of weggedeelten. Wie betaald parkeert, betaalt dus parkeerbelasting.

Als u parkeert bij een parkeermeter of parkeerautomaat zonder te betalen kan u te maken krijgen met een naheffingsaanslag. De kosten die de gemeente moet maken voor de 'naheffing' worden bij de parkeerder in rekening gebracht. Op basis van een raming van het jaarlijkse totaal van deze kosten stelt de gemeenteraad het bedrag vast dat per naheffingsaanslag voor parkeren aan de belastingschuldige in rekening wordt gebracht. Dit staat in het Besluit gemeentelijke parkeerbelastingen. Parkeren zonder te betalen wordt fiscaalrechtelijk afgedaan en niet via het strafrecht. De belastingregels zijn dus van toepassing. Formeel is het dus geen 'boete' maar een 'heffing'. Niettemin wordt het door de burger gevoeld als een boete.

Parkeren: wat is dat?
Een definitie van parkeren is te vinden in artikel 225 van de Gemeentewet. Onder parkeren wordt verstaan:

’Het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een voertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- en uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van zaken op de binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden.’

Dit is een vrij lange en ingewikkelde zin, maar eigenlijk staat er dat wanneer u ergens een voertuig laat staan, dit valt onder parkeren, tenzij sprake is van onmiddellijk in- en uitstappen van personen dan wel laden en lossen. Er zijn dus twee uitzonderingen.

In- en uitstappen
Zowel onmiddellijk in- en uitstappen van personen als laden en lossen worden heel nauw geïnterpreteerd door de rechter. Aan een uitzondering is dus niet snel voldaan.

Wat onmiddellijk laten in- en uitstappen van personen is spreekt eigenlijk wel voor zich. Hierover kan opgemerkt worden dat onder de tijd die daarvoor nodig is niet kan worden begrepen de tijd die de passagier nodig heeft voor het bereiken van zijn of haar bestemming.1 Met andere woorden, zodra de passagier uit de auto is gestapt, dient direct te worden weggereden, anders is sprake van parkeren.

Laden en lossen
Interessanter is laden en lossen. Onder onmiddellijk laden en lossen kan worden verstaan het onmiddellijk nadat het voertuig tot stilstand is gebracht bij voortduring inladen of uitladen van goederen van enige omvang of enig gewicht, gedurende de tijd die daarvoor nodig is.2 Het dient dan te gaan om goederen die niet of bezwaarlijk anders dan per voertuig ter plaatse kunnen worden opgehaald of gebracht.

Voor laden en lossen zijn aldus twee zaken van belang:

• er moet bij voortduring worden in- of uitgeladen;
• het moet gaan om goederen met enig gewicht of omvang die bezwaarlijk anders kunnen worden opgehaald of gebracht.

Als iemand stelt dat hij aan het laden en lossen was zal daarom volgens de rechter moeten worden vastgesteld of het voertuig uitsluitend heeft stilgestaan zo lang als nodig was voor het ononderbroken verrichten van het geheel van handelingen dat redelijkerwijs noodzakelijk is om zaken van gewicht en enige omvang ter plaatse in ontvangst te nemen en in het voertuig te brengen, dan wel uit het voertuig te halen en aan de geadresseerde af te geven.3

Kort en goed, mag het dus niet zo zijn dat u de spullen uit de auto pakt, deze naar binnen brengt en vervolgens nog snel binnen een cappuccino drinkt. Er moet aan één stuk door worden geladen en gelost. Ook mag het niet gaan om bijvoorbeeld een laptop, die ook prima zonder laden en te lossen op de plaats van bestemming kan komen.

In de rechtspraak zien we vaak dat een beroep op laden en lossen mis gaat bij de eis dat bij voortduring moet worden in- of uitgeladen.4 De verbalisant verklaart dan dat hij een bepaalde tijd geen laad- en losactiviteiten heeft waargenomen. De tijd die dan is verstreken, is langer dan de tijd die nodig is voor laden en lossen. Vijf minuten geen laad en losactiviteit kan voor een rechter al reden zijn om te concluderen dat geen sprake is van laden en lossen. U moet er dus vaart achter zetten, want als u parkeert, dan moet u daarvoor betalen.

Redelijke tijd om te betalen
Uit vaste rechtspraak blijkt dat als u moet betalen, een redelijke tijd moet worden gegund die nodig is om daadwerkelijk te betalen.5 Het is uiteindelijk de rechter die bepaalt wat redelijk is. Dit is afhankelijk van omstandigheden van het geval. Ter illustratie, rechtspraak heeft uitgewezen dat het mogelijk moet zijn om na het parkeren minimaal twee minuten te doen over het activeren van een parkeerapp. Dit werd als redelijke tijd gezien.

Afsluiting
Iedereen die betaald parkeert betaalt belasting. Het gemeentelijk college bepaalt waar belasting betaald moet worden. Wie een voertuig ergens neerzet is in principe aan het parkeren. Behalve indien sprake is van een uitzondering. Dit kan zijn het onmiddellijk laten uitstappen van een passagier dan wel onmiddellijk laden en lossen. Hieraan is niet snel voldaan. Tot slot moet een parkeerder een redelijke tijd krijgen om te kunnen betalen.

Alle Nederlandse gemeenten
Wij maken bezwaar en stellen kosteloos beroep in tegen uw naheffingsaanslag. Het maakt niet van welke gemeente u een parkeerbon heeft ontvangen, of dit nu de gemeente
Den Haag, Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Leiden, Zoetermeer, Arhem , Maastricht, Eindhoven, Leeuwarden of Groningen is: wij behandelen alle zaken in alle uithoeken van ons land.

Deze blog is geschreven door de juristen van Verkeersboete.nl (N.G.A. Voorbach). Geschreven op 3 augustus 2017.

1 Hof Arnhem-Leeuwarden 13 februari 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:1042.
2 Hof Arnhem-Leeuwarden 17 mei 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:3804.
3 Hof Amsterdam 20 juni 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:2604.
4 Hof Arnhem-Leeuwarden 2 december 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:9150; Hof Arnhem-Leeuwarden 17 mei 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:3804
5 Rechtbank Midden-Nederland 21 augustus 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:6169.