?

Twee snelheidsboetes kort na elkaar

flitspaalkopie.jpg
Wij hebben regelmatig te maken met klanten die een boete hebben gekregen omdat ze twee keer – kort na elkaar – een snelheidsovertreding hebben begaan. Dat is ook te begrijpen, als u bedenkt dat ‘flitspalen’ soms vlakbij elkaar staan. Beeld de volgende situatie in. U rijdt om half 5 ’s middags op een lange rechte weg richting huis. Het is een rustige middag en er zijn weinig andere verkeersdeelnemers. Ondertussen verheugt u zich al op het avondeten. Onbewust rijdt u enkele kilometers harder dan is toegestaan. Om half 5 wordt uw snelheid door de eerste flitspaal gemeten. Zonder dat u hebt doorhebt heeft u boete één aan uw broek. Enkele honderden meters verder, om één minuut over half 5, gebeurt precies hetzelfde: boete twee. In een mum van tijd heeft de overheid twee keer buit gemaakt ten koste van uw portemonnee.

U kunt een boete krijgen, zonder dat u het direct merkt. Anders dan bij het stoten aan een steen doet een boete zogezegd geen fysieke pijn. Hierdoor blijft u wellicht, zonder dat u het door heeft, te hard rijden. Is dat nu rechtvaardig en mag u eigenlijk wel twee boetes krijgen die zo snel achter elkaar worden opgelegd? In deze blog geven we antwoord op deze vraag.

Voortgezette handeling?
In een recente rechtszaak moest het Hof oordelen over de vraag of twee snelheidsovertredingen binnen een kort tijdsbestek in de gegeven omstandigheden toelaatbaar is.1 De omstandigheden waren als volgt. Net als in de inleiding geschetste situatie waren de twee snelheidsovertredingen binnen één minuut begaan. De snelheidsovertreding vonden slechts op 500 meter afstand van elkaar plaats en waren begaan op een doorgaande voorrangsweg.

De gemachtigde van de boeterijder was het daarom ook niet eens met de dubbele bestraffing. De gemachtigde deed een beroep op artikel 56 van het Wetboek van Strafrecht. Daarin staat kort en goed dat als er meerdere feiten zijn die een misdrijf of overtreding opleveren die in een bepaald verband staan met elkaar, dit kan worden gezien als één voortgezette handeling. Hierop moet dan, volgens dit artikel, ook één strafbepaling op worden toegepast. Met andere woorden, er mag dan maar één straf worden opgelegd. Volgens de gemachtigde was sprake van één voortgezette handeling.

Hierbij vond de gemachtigde van belang dat de boetes heel kort na elkaar waren opgelegd, slechts 500 meter van elkaar op een doorgaande kruisingsweg. Er waren wel kruispunten die een bepaalde oplettendheid vereisten, maar niet zoveel oplettendheid dat de snelheid ook moet worden verminderd. Daarom is er sprake van maar één wilsbesluit om te hard te rijden, en niet twee. Wat zegt het Hof hier uiteindelijk over?

Géén voortgezette handeling
Het Hof gaat niet mee met het betoog van de gemachtigde. Volgens de rechter staat voorop dat verkeersdeelnemers voortdurend te maken krijgen met nieuwe situaties in het verkeer. Dit zorgt ervoor dat men altijd alert moet zijn en voortdurend ook beslissingen neemt en moet nemen.

De rechter zegt vervolgens dat het onveranderd – met dezelfde snelheid – vervolgen van de route van de verkeersdeelnemer als een beslissing kan worden gezien. Er is dan ook niet snel sprake van één fout wilsbesluit om te hard te rijden. Ook weegt mee dat de betrokkene in de tijd tussen beide ‘flitspalen’ een kruispunt is gepasseerd. De betrokkene heeft ruim de kans gehad om langzamer te gaan rijden, maar deze verspild. De rechter oordeelt uiteindelijk dat daarom geen sprake is van één voortgezette handeling.

In een andere recente vergelijkbare zaak kwam de rechter tot een soortgelijke conclusie.2 Het Hof bevestigt dus de lijn die al eerder in het verleden werd gevolgd.3

Matiging van de boete
Onder bijzondere omstandigheden kan een boete worden gematigd. Dit kan te maken hebben met de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden of persoonlijke omstandigheden van de betrokkene. Twee gedragingen kort na elkaar kan de rechter kwalificeren als 'bijzondere of persoonlijke omstandigheid'.4 Om die reden kan de rechter worden verzocht de boete te matigen. Hoewel een billijke kantonrechter hierin mee kan gaan, gebeurt dat beslist niet altijd.

Afsluiting: een muizengaatje
Als we de balans opmaken dan kunnen we concluderen dat de rechter het bijna onmogelijk maakt om een geslaagd beroep op een voortgezette handeling te doen als twee boetes kort na elkaar zijn opgelegd. In de zaken waarin de rechter een beroep op de voortgezette handeling niet honoreerde was het onder andere van belang dat kruispunten waren gepasseerd en/of een bocht was gemaakt.

Volgens de rechter zal niet snel zal sprake zijn van één voortgezette handeling, maar onmogelijk is het vooralsnog niet. De rechter sluit het namelijk niet uit. Dat laat volgens ons ruimte over voor een geslaagd beroep op de voortgezette handeling: een muizengaatje. Tot slot kan eventueel om een matiging van de boete worden gevraagd.

Deze blog is geschreven door de juristen van Verkeersboete.nl (N.G.A. Voorbach). Geschreven op 26 juli 2017.

1 Hof Arnhem-Leeuwarden 4 mei 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:3835.
2 Hof Arnhem-Leeuwarden 27 januari 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:789.
3 Zie o.a. Rechtbank Alkmaar 25 november 2005, ECLI:NL:RBALK:2005:AU7698; Hof Arnhem-Leeuwarden 14 december 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:9497.
4 Rechtbank Noord-Holland 16 juni 2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:543.